Effecten

Uit een onderzoek van Rijkswaterstaat van november 2011 zijn een aantal conclusies naar voren gekomen.

  • Uit het experiment volgt dat de snelheid van personenauto’s bij de verhoging van de maximumsnelheid van 120 naar 130 km/h gemiddeld toeneemt met 3 km per uur; de snelheid van het vrachtverkeer verandert uiteraard niet.
  • Er is draagvlak voor een maximumsnelheid van 130 km/h. Een meerderheid, 60% van de ondervraagde automobilisten op de experimenttrajecten is vóór verhoging van de maximumsnelheid naar 130 km/h op veel meer snelwegen. Zo’n 15% is tegen, en ruim 25% geeft aan niet te weten of dit voor meer snelwegen geschikt is.
  • Uit de doorrekening van het eindbeeld blijkt dat de extra CO2-uitstoot als gevolg van de snelheidsverhoging 0,4 miljoen ton per jaar. Dit past binnen de verwachte doelbereiking van de reductiedoelstelling van het kabinet van 20% (verwachte emissie 98,8 miljoen ton ten opzichte van de doelstelling van 104,6 miljoen ton in 2020).
  • De verkenning van de landelijke verhoging 130 km/h wijst uit dat op 39% van de autosnelwegen een verhoging van de maximumsnelheid gedurende de gehele dag mogelijk is. Op 19% van de autosnelwegen kan de limiet in de avond en nacht (19.00-06.00) worden verhoogd.
  • De reistijden nemen bij de landelijke invoering 130 km/h op basis van de LMS modelberekeningen netto met zo’n 1% af.
  • De introductie van de snelheidsverhoging resulteert zonder maatregelen naar verwachting in een toename van 3-7 doden en 17-34 gewonden. De gevolgen voor de verkeersveiligheid kunnen voor een groot deel worden gecompenseerd door een gericht pakket van veiligheidsmaatregelen.

(Bron: Rapport “Onderzoek invoering verhoging maximumsnelheid naar 130 km/h” i.o.v. Rijkswaterstaat.)